FEMBusiness, 11. März 2006, S. 24ff
De Europese Unie (EU) en Frankrijk zitten op ramkoers. Brussel is er alles aan gelegen om van de Unie een echte interne vrije markt te maken. En daar hoort de vrijheid bij voor bedrijven uit de ene lidstaat om bedrijven uit een andere lidstaat over te nemen. Zonder bemoeienis van de nationale overheden. Maar niet iedereen zit op één lijn met Brussel. De Franse regering lijkt veel moeite te hebben gedaan om te voorkomen dat het Italiaanse Enel het Franse bedrijf Suez overneemt. Desondanks is de EU wereldkampioen grensoverschrijdende fusies en overnames (F&O’s).
De Italianen beschuldigen de Fransen ervan in allerijl een deal tussen twee Franse bedrijven te hebben bekokstoofd. Niet Suez en Enel, maar Suez en Gaz de France gaan fuseren, kondigde de Franse premier Dominique de Villepin eind februari trots aan.
Er zijn meer voorbeelden uit het recente verleden. Neem de overnamestrijd die ABN Amro en Banca Popolare Italiana voerden om de Italiaanse bank Antonveneta. De Italiaanse centrale bank, deed er alles aan om ABN Amro buiten de Italiaanse grenzen te houden. De Nederlandse bank won uiteindelijk en de gouverneur van de centrale bank, Antonio Fazio, moest opstappen.
Deze spraakmakende overnamegevechten zouden de indruk kunnen wekken dat grensoverschrijdende deals in de EU zeer beperkt plaatshebben. Toch is dat onjuist, zo blijkt uit een studie van CESIfo, een economisch instituut verbonden aan de universiteit in München. Want naast de genoemde, controversiële voorbeelden zijn er ook succesverhalen. Opvallend is dat die successen voornamelijk in twee sectoren zitten: nutsbedrijven en banken. Suez, nu zelf het lijdend voorwerp, kocht eerder het Belgische Electrabel. France Telecom nam het Spaanse Amena over. In de bankwereld slaagde ABN Amro er uiteindelijk in poot aan de grond te krijgen in Italië, maar daarvoor kocht de Spaanse Banco Santander het Britse Abbey en vormden de Italiaanse bank Unicredito en de Duitse HypoVereinsbank een entiteit.
Het aantal succesvolle grensoverschrijdende F&O’s op het oude continent is zelfs zo groot, dat de onderzoekers van het CESIfo-instituut tot de conclusie komen dat de EU inmiddels de wereldleider is op dat gebied. Wanneer wordt gekeken naar de totale waarde van de F&O-markt, staan Amerika en het Verenigd Koninkrijk bovenaan.
‘Niet lang geleden waren fusies en over- names vooral een Angelsaksisch fenomeen, maar het is langzaam maar zeker ook een Europees verschijnsel aan het worden. Grensoverschrijdende fusies vormen een steeds groter geheel van het totaal binnen de oude vijftien lidstaten van de EU’, aldus CESIfo. Er zijn duidelijke aanwijzingen dat het fusie- en overnamegeweld binnen de Unie zal aanhouden. Uit een enquête van de Rotterdam School of Management van de Erasmus Universiteit blijkt dat 40 procent van de Europese chief executive officers cfo’s) meer geld wil uittrekken voor overnames. In het laatste kwartaal van vorig jaar was slechts 30 procent dat van plan.
Het is opmerkelijk dat juist Frankrijk, dat al jarenlang overhoop ligt met de EU (zie kader) in 2005 het Verenigd Koninkrijk voorbij is gestreefd als meest actieve koper van buitenlandse bedrijven. Vorig jaar namen Franse bedrijven voor 59,5 miljard dollar ondernemingen uit andere landen over. Na de Fransen en de Britten volgen de Duitsers, de Nederlanders en de Spanjaarden.
Een van de factoren die ertoe hebben bijgedragen dat Europa zo’n toonaangevende speler is geworden, is de Europese eenwording. Het is volgens de onderzoekers heel goed mogelijk dat het een langetermijneffect is van de Europese integratie. Daarnaast spelen globale ontwikkelingen een rol. De revolutie in innovatietechnologie heeft de manier waarop bedrijven opereren ingrijpend veranderd en de globalisering heeft ertoe geleid dat bedrijven constant op zoek zijn naar verbeteringen in efficiëntie.
Daarnaast is er een macro-economische reden. De belangrijkste centrale banken verlaagden hun officiële rentetarieven sterk en hielden de rente jarenlang laag. In de VS bijvoorbeeld verlaagde de Fed, de Amerikaanse centrale bank, de rente van 6,5 naar 1 procent. Nu is in de VS de rente weer aanzienlijk hoger dan enkele jaren geleden, maar in Europa en zeker in Japan is geld lenen nog steeds goedkoop. Daar zijn de officiële rentetarieven respectievelijk 2,5 en 0 procent. De Europese cfo’s uit de enquête van de Rotterdamse universiteit die aangaven meer te gaan overnemen, doen dat omdat hun bedrijven bulken van het geld. Hoge winsten van de afgelopen jaren, achtergebleven investeringen, en een onaantrekkelijk lage rente zorgden ervoor dat bedrijven veel geld op hun balansen hebben.
Bovendien veranderde de Europese Commissie haar gedrag. In 2004 paste zij de regels voor voorgenomen fusies of overnames aan. Tot 2004 blokkeerde de Commissie veel geplande fusies of overnames. In 1999 en 2000, het hoogtepunt voor fusies en overnameactiviteiten, kregen gemiddeld zes plannen nul op het rekest. Zo gingen het Amerikaanse MCI Worldcom en Sprint/USA niet samen omdat Brussel dwars lag en moesten de Zweedse vrachtwagenfabrikanten Volvo en Scania hun geplande huwelijk afbreken. Het Amerikaanse General Electric vecht het verbod op overname van Honeywell uit 2001 nog steeds aan bij de rechter. Europa en de VS voeren de boventoon in dat spel van overnemen, overgenomen worden, of fuseren.
Eenzame jagers
De sterk opkomende economie van China tot nu toe vooral een winkel geweest waar Europese en Amerikaanse bedrijven hun mandje vol konden laden. De laatste tijd dat veranderd. Zo kocht de Chinese pc-fabrikant Lenovo de pc-divisie van het Amerikaanse IBM en zijn de Chinese oliebedrijven op koopjacht in onder meer Afrika.
Maar de grootste verrassing is Japan. Van de op een na grootste economie ter wereld kan worden verwacht dat die ook een belangrijke speler is op de markt van fusies en overnames. Niets is minder waar. De onderzoekers melden dat zelfs in 2000, het haussejaar, de Japanse bedrijven geen van betekenis speelden in het overnamegeweld. De Japanse fusie -en overnamemarkt was goed voor een totale waarde van slechts 20,8 miljard dollar. Ter vergelijking, voor de VS was dat 159 miljard en voor het Verenigd Koninkrijk zelfs 382 miljard, inclusief de mammoetdeal tussen Vodafone en het Duitse Mannesmann van 202,8 miljard dollar. De nieuwe EU-lidstaten vallen ook in de categorie ‘winkel voor de rest van de wereld’.
Maar de bloei die Europa de laatste jaren doormaakte op het gebied van F&O’s dreigt af te nemen. Bij enkele Europese regeringen duiken protectionistische reflexen op. Ze kijken met scepsis naar overnames van wat zij ‘nationale kampioenen’ noemen. Die neiging is vooral sterk in Frankrijk en Italië, schrijven de onderzoekers van CESIfo. Overnames zijn nog steeds makkelijk te tegen te houden. Ook omdat de poging van voormalig eurocommissaris Bolkestein om beschermingsconstructies te verbieden in 2003 strandde in het Europarlement.
Een zorgelijke ontwikkeling, vindt 40 procent van de ondervraagde cfo’s. Volgens CESIfo zijn de veranderingen bij de Europese Commissie uit 2004 een stap in de goede richting. Maar protectionisme uit de lidstaten blijft een groot gevaar. Daarom pleiten ze voor een onafhankelijke European Competition Agency, naar het voorbeeld van de Amerikaanse Federal Trade Commission. Die zou een voorgenomen fusie of overname moeten beoordelen, niet de ambtenaren in Brussel of een van de Europese hoofdsteden.
Please send your comments or questions on specific articles to: presse@ifo.de. Please mention in your e-mail the article you are concerned with.
Phone: +49(0)89/9224-1604 Fax: +49(0)89/9224-1267
2012 2011 | 2010 | 2009 2008 | 2007 | 2006 2005 | 2004 | 2003 2002 | 2001 | 2000
Press Echo
Comments on current economic policy issues in Policy Debate: