Main Content

‘Je kann de strijdtegen demarktennooit winnen’

Interview mit Hans-Werner Sinn, De TIJD, 18.12.2010, S. 20-21

‘Het Europese reddingsmechanisme mag geenomniumverzekering zijn zonder franchise: dat is een vrijgeleide voor roekeloos gedrag. De nationale schulden zullen anders blijven oplopen, grote eurolanden zouden besmet kunnen geraken, waardoor hethele systeem zouomvallen.’ Ziedaar de fijne inzichten van een van de belangrijkste economen van Europa. Een exclusief interview metHANS-WERNERSINN, devoorzitter van hetDuitse Ifo-instituut, die haarfijn uitlegt hoe we misschien in ons eigen ongeluk aan het lopen zijn.

In Duitsland is hij een grote meneer. Niet alleen staat hij aan het hoofd van het prestigieuze Ifo-instituut en is hij dus de man van de Ifo-indicator, de toonaangevende index voor het vertrouwen van het Duitse bedrijfsleven. Bovendien bracht zijn bestseller Ist Deutschland noch zu retten? (2003) een nooit gezien debat op gang over de obese Duitse welvaartsstaat en inspireerde hij de vorige regering-Schröder tot de bittere recepten om de ‘ziekeman van Europa’ weer gezond te maken.

Wanneer Hans-Werner Sinn in Duitsland spreekt, wordt geluisterd. Alsmeest geciteerde Duitse econoom speelt hij op wereldniveau. Sinn is geen man die de dingen graagomzwachtelt.‘Weare going to do this the German way’, is het eerste wat hij me bij aanvang van ons gesprek inpepert. Hij maakt duidelijk dat hij de meester over het interview blijft, tot op de seconde van de publicatie.Geengekibbel over punten en komma’s. Als hij zijn fiat nietgeeft, verschijnt de tekstniet. Als ik dat niet aanvaard, is het gesprek bij deze afgehandeld. Sinn is geen man met wie je kan marchanderen. Als zijn bondskanselier Angela Merkel ook maar een greintje van zijnonverzettelijkheid heeft, begrijpen we waarom zij beschouwd wordt als de enige enonbetwistbare leider van Europa.

Waarmeewemaarwillen zeggen: deze man kan ons misschien iets bijleren. Te meeromdatwáthij zegt nietzonder controverse is.DeEuropese top van de voorbije twee dagen vindt hij een gemiste kans, omdat de spelregels over het redden van eurolanden niet wezenlijk zijn veranderd. ‘Zulk een top organiseren net voor Kerstmis is een verkeerde timing’, zegt hij droogjes. ‘Mensen worden dan veel te vrijgevig.’

Maar laat ons bij het begin beginnen. Eigenlijk, vindt de econoom, is de paniek over de dreigende val van de euro het voorbije jaar een storm in een glas water geweest. Volgens Sinn stond de euro in het weekend van 7, 8 en 9 mei - toen inderhaast het Europese noodfonds (EFSF) in elkaar werd gebokst - lang niet aan de rand van de afgrond. ‘Er waren inderdaad grote renteverschillen op vrijdag7mei.Maardiewaren veel kleiner dan de spreads diewesindsdien hebben gehad. En toch is de euro niet gevallen. De spreads waren dat bewusteweekend ook veel kleiner dan vóór de introductie van de euro in 1995.Voordien was het verschil tussen de hoogste en de laagste rentes in Europa dubbel zo groot als watwenumeemaken.’

Het was volgensudus veel paniek voor niets?

Hans-Werner Sinn: ‘SommigeEuropese landen waren in paniek omdat ze beseften dat de voorwaardenwaaronder ze konden lenen nietmeer zo voordelig waren als ze de voorbije jaren waren geweest. Datwasdeechte reden voor de bezorgdheid. Het was op geen enkel moment een situatie waarin de euro zelf in gevaar was. Integendeel, de euro was en is nog steeds overgeëvalueerd tenopzichte van de koopkrachtpariteit van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) die op 1,17 euro vastgelegd is. Het enige wat - nog steeds-ophet spel staat, is hetgevaar dat sommige Europese landen failliet gaan. De Griekse staat is waarschijnlijk insolvabel, al zijn we daarvan niet zeker. Ierland is in de gevarenzone gekomen, ook al betwijfel ik of het echt een risico loopt opeen faillissement.’

Maar stel dat Griekenland in het voorjaar bankroetwas gegaan. Zou dat geen groteweerslag gehad hebben op de euro?

Sinn: ‘Ja, dus erwashulp nodig.Maar voor Griekenland, niet voor de banken. Als Griekenland alsnog over de kopgaat, moetenweeen moratorium op de Griekse schuld instellen, wat betekent dat de bankeneen deel vanhunclaims tegenhet land moeten opgeven.’

Wasdie besmetting van de banken niet juistdegrote vrees? Franse en Duitse banken hebben een immense blootstelling aan Griekenland en andere Zuid-Europese landen. Dat zou een schokgolf door het internationale financiële systeem kunnen jagen.

Sinn: ‘Inderdaad, die blootstelling was de reden waarom Duitse en Franse banken lobbyden bij hun overheden om tussenbeide te komen. Maar die laatste hadden daar niet aan moeten toegeven.’

Was er dan geen reëel gevaar op een tweede Lehman Brothers?

Sinn: ‘Neen. Een herhaling van dat scenario was onmogelijk, juist omdat Lehman Brothers gevallen is in 2008. Eenmaandna de val vanLehmanbereikten de regeringen van deG8inWashington een akkoord over een reddingsoperatie voor de banken,waardoor geen enkele grote bank over de kopkongaan.Wereldwijd werden reddingsprogramma’smet een totalewaarde van 4.900 miljard euro op poten gezet. Die programma’s lopen nog steeds. Het gros van het geld is nog beschikbaar. Mocht zich een probleem voordoen in hetDuitse bankensysteem, dan heeft hetSoffin (het Duitse reddingsfonds, red.) nog 50 miljard euro ongebruikt kapitaal achter de hand om elke Duitse bank in moeilijkheden te herkapitaliseren. Omdie reden is de besmetting van andere landen via de banken een onmogelijk scenario.’

Zegt u nu dat mensen als Jean- Claude Trichet, de voorzitter van de Europese Centrale Bank die herhaaldelijk waarschuwde voor de val van de euro,misleid zijn?

Sinn: ‘Trichet was ervan overtuigd dat een reddingsmechanisme nodigwas. Ik respecteer zijn mening. Hij heeft goede ideeën en voorkeuren voor Europa. Hij is een grootman die alle respect verdient. Maar we verschillen van mening over de ernst van de crisis. Ikben er niet van overtuigddat het lot van de euro ook maar een moment op het spel heeft gestaan. De voormalige voorzitters van de Duitse centrale bank, Karl Otto Pöhl en Helmut Schlesinger, vondende genomen maatregelen ook overtrokken.Zehebben dat publiek verklaard.’

Betekent dat ook dat de eurolanden geen reddingsfonds hadden moeten oprichten?

Sinn: ‘Toch wel. Ik ben helemaal niet tegen reddingsmaatregelen. Het is een van de grote vergissingenvan hetVerdrag van Maastricht dat het niet voorziet in een reddingsoperatie voor crisissen als deze.Wemoeten helpen. Dit gezegdzijnde, vind ik dat de banken ook hun steentje moeten bijdragen. Het geld kan niet alleen komen van de belastingbetaler.’ ‘Met het EFSF hebben we een omniumverzekering zonder franchise gecreëerd. Dat is nooit een goed idee. Het leidt tot maximaal roekeloos gedrag. Dit reddingsmechanisme kan Europa in zijn eigen ongeluk doen lopen. Het is zo genereus dat het landen er niet van weerhoudt te blijvenlenenzonder limieten. Het schuldenprobleem kan daardoor nog groter worden. De overheidstekorten kunnen nog meer exploderen in plaats van te krimpen. Daardoor kan de hele Europese constructieomvallen.’ ‘Zonder duidelijke beperking van hetEFSFof de permanenteopvolgerESM( European StabilityMechanism) kunnen alle eurolanden in gevaar komen.Denkmaar aanwatgebeurd is in Ierland. Eerst kwam het banksysteem in de problemen, en vervolgens de staat. Waarom? Omdat de overheid garant stond voor die bankenmet een programma ter waarde van tweeënhalf keer het Ierse bruto binnenlands product.De overheid rechtvaardigde dat door te zeggen dat het niet meer dan een liquiditeitscrisis was en dat ze de markten moestkalmeren. Bleek dat de banken wel degelijk insolvabelwaren.Nubelovenwij op onze beurt dat wij Ierland gaan redden, en andere landen als hetmoet. Dat is om problemen vragen. Met dat soort genereuze plannen creëer je maximale besmetting van hetene land op hetandere, wathet hele systeemin brand kan zetten. Als je belooft een insolvabel land te redden, word je zelf insolvabel. Dat is het echte risico in Europa vandaag.’

Welkeprocedure steltudan voor?

Sinn: ‘We hebben een reddingsmechanismenodig dat de banken betrekt en dat beperkt is inomvang. Ik ga uit van een driestappenplan. Als een land in de problemen komt,moetenweeerst liquiditeitshulp verschaffen. Beperkt in tijd enomvang, enkelomeen acuut moeilijke periode te overbruggen. Als het land na die periode nog nietuit het slop is, dan is er geen liquiditeits- maar een solvabiliteitsprobleem. Dan ga je over naar de tweede stap,waarbij de schuldeisers een deel vanhunclaims laten vallen (de zogenaamde haircut, red.). De grootte van de haircut kan je aflezen in de markt. Als de Griekse obligaties bijvoorbeeld gezakt zijn tot 70 procent van hun nominale waarde, danneemje die verloren 30 procent als de haircut. Vervolgens vervang je de schuldtitels die gaan vervallen door zogenaamde vervangingsobligaties, die tot op zekere hoogte gedekt zijn door de andere lidstaten. Als ook dat niet helpt, ga je naar stap drie: een faillissementmet een moratorium op de schuld.’ ‘Dat driestappenplan is een geloofwaardigemanierompaniek in de markten te verhinderen en landen te helpen zonder de banken hun deel van de verantwoordelijkheid te laten ontlopen. Als je de privé-investeerders verplicht te participeren, zullen ze voortaan voorzichtigerzijn. Zezullen een intrestsurplus aanrekenen voor risicolanden. Goed zo.Een surplus is een noodzakelijk disciplinair instrument om te verhinderen dat landen te veel lenen. Het is ook een noodzakelijk ingrediënt van een goed functionerende internationale kapitaalmarkt.’

Is het probleem niet dat er nooit een goed moment isomzo een systeem in te voeren? Voor de markten is heterg verwarrend. Dat is de reden waarom Trichet zo razend was toen Angela Merkel het idee van een haircut op tafel legde.

Sinn:‘Wezenden juistverkeerde signalen naar demarkten door gratuite reddingsbeloftes temaken. Ik vind datwenu moeten overgaan tot een nieuwe soort overheidsobligaties die in een schuldherschikking voorzien. Jemoetdaarnumee beginnen, niet na 2013 zoals mevrouw Merkel suggereerde, want het duurt jaren vooraleer die schuldtitels in demarkt zijn doorgedrongen. Het kan geenkwaad de spelregels te veranderen en de uitstaande schuld geleidelijk te vervangen door de nieuwe schuldtitels.Demarkten zullen hetonderscheid welmaken tussen veilige enminder veilige landen.’

Is politiekecontrole over de nationale schulden geen beter alternatief dan hetzonder meer over te laten aan de markten?

Sinn: ‘We hebben die controle, met het Stabiliteits- en Groeipact (dat de eurolanden een maximaal begrotingstekort van 3 procent oplegt, red.). Dat heeft duidelijk niet gewerkt. Het pact is meer dan vijftig keer geschonden en nooit is er een enkele boete betaald. De enigedwang komt van de markten. Zonder de reactie van de markten het voorbije jaarwashet excessieve lenen gewoon doorgegaan. Dit is de enigemanierwaarop Europa kan functioneren:metmarktcontrole over de schuldgraad.’

Is dat ook de reden waarom u zo gekant bent tegen euro-obligaties?

Sinn: ‘Dat is nu eens echt een onmogelijk idee. Euro-obligaties socialiseren de schuld, en dwingen landen garant te staan voor de schulden van andere. Je creëert hetzelfde probleem als met het huidige reddingsmechanisme: als één land over de kling gaat, lopenweallemaal gevaar. Het is het recept voor een regelrechte ramp.’

Waarom zien politici dat niet in?

Sinn: ‘Omdat politici daar belang bij hebben. Als je van een land bent dat in het vizier loopt van de markten, heb je baat bij een procedure die het risico spreidt.Enals je de premier van Luxemburg bent, is het een aantrekkelijk idee een substantieel deel van de Europese obligatiemarkt tedraineren naar een instelling die in jouw land gevestigd is. (Er is sprake van die obligaties te laten uitschrijven door hetEFSFdat inLuxemburg gevestigd is, red.).Enzelfs het standpunt van de leider van de Europese liberale partijen (Guy Verhofstadt, red.) zou overtuigender zijn,mochtzijn eigen land niet een zo hoge staatsschuld torsen.’

Over het algemeen spelen de Duitsers het hard in deze crisis. Nochtans, argumenteren de andere Europeanen, moet het enige land dat sterker uit de crisis kwam, de getroffen landen te hulp snellen. Dat is een open aanval tegen hetagressieve Duitse exportbeleid.

Sinn: ‘De stelling dat Duitsland meer dan andere voordeel gehaald heeft uit de euro is te absurd voor woorden. Ik erken dat de euro een noodzakelijkestap is naar integratie. Hij heeft stabiliteit gebracht, een lage inflatie en bescherming tegen wisselkoersbewegingen.Maartegelijk is Duitsland,netdoor de euro,door een lange periode van verval gegaan. De munt heeft het speelveld voor kapitaal geëgaliseerd. Zeheeft de rentevoeten in de Zuid- Europese landen artificieel verlaagd en grote kapitaalstromen richting zuiden gestuurd. Tegen vaste rentes op lange termijn. Dat was voorheen ondenkbaar. Dus zijn mensen in Spanje en elders beginnen te lenen en huizen beginnen te bouwen. Er ontstond een constructiehausse die jobs en inkomen bracht voor de werklui die vervolgens meer gingen consumeren. De hele economie groeide als gek. Maar de hausse oververhitte de economie enmaakte de lonen en de prijzen hoger dan houdbaar was, waardoor de competitiviteit van die economieën terugviel en de tekorten op de lopende rekening aangroeiden.’ ‘In Duitsland gebeurde hetomgekeerde. Sinds2002exporteerde het tweederde van zijn spaargeld: 1.050 miljard euro. Vanalle Europese landen spendeerde het het kleinste deel van zijn bbp in binnenlandse investeringen. Het had, na Italië, het laagste groeipercentage van Europa. Tegen2005kekenweaan tegen een massale werkloosheid, die alleen weggewerkt konwordenmet radicale sociale hervormingen. Die crisis was de reden waarom de lonen en de prijzen stagneerden. In handelstermen devalueerde Duitsland tegenover de andere eurolanden met 18 procent. Daardoor ontstond een overschot opde lopende rekening. Tegende trend in ging de exportomhoogen de import naar beneden. Ons handelsoverschotwas dus een gevolg van onzezwakte die ontstond na de kapitaalvlucht veroorzaakt door de euro. En door de problemen na de val van het IJzeren Gordijn, dat geef ik toe. Maar de kapitaalvlucht was als een bloedtransfusie naar andere landen.Omdie transfusienute beschouwen als een teken dat Duitsland alleen maargewonnenheeft bij de euro, iscompleet fout.’

Was de crisis het ideale moment om het evenwicht te herstellen?

Sinn: ‘Inderdaad. De Duitse banken, die hetDuitse spaargeld over de wereld hadden verspreid, werden plots veel terughoudender om te investeren buiten Duitsland. Nu bieden ze hun geld weer thuis aan. Er vloeit vandaag veel kapitaal naar de bouw en het bedrijfsleven, wat jobs creëert. Dat is de drijvende kracht achter de recente boom in Duitsland.’

Het handelsoverschot zal dus vanzelf verdwijnen?

Sinn: ‘Klopt. Naarmate de inkomens en de prijzen stijgen, zal het overschot verminderen. Duitsland zalmeerimporteren en zijn competitiviteit verliezen. Omgekeerd zullen de landen waarheen het kapitaal tot voor kort rijkelijk stroomde, door een periode van stagnatie gaan,metdalende lonenenprijzen, goedkopere export en een hogere competitiviteit. Daardoor zullen ook zij uiteindelijk van hun tekorten op hun lopende rekening afgeraken.’

Met andere woorden: het probleem lost zichzelf op. De toekomst ziet er dus niet zo slecht uit?

Sinn: ‘Inderdaad. Maar ik zou niet durven te beweren dat de schuldencrisis al voorbij is.Griekenland heeft nogsteeds een schuldgraad van 140 procent. Zelfs na 2013,wanneer hetGriekse noodfonds eindigt, zullen ze nog steeds nietnaar de markt kunnen om te lenen. De rentespreads zijn opnieuw opgelopen. De 110 miljard euro die ze ontvingen, zal niet volstaan. Het land is insolvabel, dus de banken zullen uiteindelijk toch een deel van hun claims tegenover Griekenland moeten laten vallen.’ ‘Als een land faalt, heb je eigenlijk astronomische bedragen nodig om te verhinderen dat de rentevoeten op zijn staatsschuld omhoog gaan. De interventies die wij kunnen doen, zijn futiel en daardoor zinloos. Het is weggesmeten geld. Dat is de les die we hadden moeten leren van George Soros, toen die speculeerde tegen het Britse pond in 1992. Je kan het gevecht tegen de markten nooit winnen. Het is slimmer de markten zelf een evenwicht te laten zoeken. Als we doorgaan met zonder meer landen te redden, zal de besmetting zich door het systeemverspreiden-veel sneller danwe ons kunnen inbeelden.’

Ihre Fragen und Kommentare

Haben Sie Fragen, oder möchten Sie uns einen Kommentar zukommen lassen? Dann schreiben Sie uns unter presse@ifo.de. Bitte vermerken Sie in Ihrer E-Mail, auf welchen Artikel Sie sich mit Ihrer Reaktion beziehen!

Pressekontakt

Harald Schultz

ifo Institut
Presse, Redaktion, Konferenzen
Telefon: +49(0)89/9224-1218
Fax: +49(0)89/9224-1267
E-Mail: schultz @ ifo.de
Website


Short URL: www.ifo.de/de/w/3BAgLmXQ7